Materieel '64 twee-delig (Plan V)

Vanaf het jaar 1966 werden er door de NS bij Werkspoor in Utrecht ook tweedelige treinstellen besteld. Deze moesten de dienst met de Plan-T's namelijk versterken. Ook met deze bestelling konden de treinstellen van het type Mat' 36 dan ook definitief aan de kant. Deze nieuwe Plan-V stellen zorgen ervoor dat de rijtijd vergeleken met de Mat' 36 flink korter werd op vele trajecten.

Deelseries

Plan V1 t/m V3
Allereerst werd de deelserie Plan V-1 t/m V-3 gebouwd (serie 401-438), deze werden met een bagageruim uitgerust . De eerste klasse bevond zich in tussen de twee balkons van de ABDK-bak.  De eerste treinstellen werden bij de bouw ervan ook in de groene kleur geverfd net als de Plan-T, maar dat veranderde in 1968, toen werd de 431 in gele kleur afgeleverd, echter bij de werkplaats heeft hij samen met de 432 enige tijd nog de groene kleur gehad. Hierop was de 433 dan ook het eerste echte gele treinstel was van de Nederlandse Spoorwegen. De voorgaande treinstellen die nog groen waren en voorzien van een creme-kleurige bies, werden pas in 1973 aangepakt bij Werkspoor om een metamorfose naar de gele kleur te krijgen.

Plan V4 t/m V6
Vanaf 1969 verschenen de volgende serie Plan-V treinstellen, dit was de serie 441 t/m 483. Deze onderscheiden zich vanaf de eerdere serie door het ontbreken van een  bagageruimte. Deze ruimte is opgevuld met zestiental zitplaatsen tweede klasse verdeeld over twee coupe's.
De eerste klas is hierbij verschoven naar het uiteinde van de ABk-bak. het BK-deel was zo goed al gelijk gebleven aan de vorige serie met uitzondering van de net besproken bagageruimte.
Het balkon aan de vouwbalgzijde van de Bk-BAK werd ingericht als bagagehoek. Hier waren vier klapzittingen geplaatst, en een conducteursruimte afgesloten met een schuifdeur. Door de inbouw van deze ruimte moest het raam worden gehalveerd, en evenens de bijbehorende zitgroep.

Naast de indeling van het treinstel werden er ook andere dingen aangepast ten opzichte van de eerste deelserie:
- Er zijn nieuwe gietaluminium prullenbakken geplaatst, aangezien de oude roestvrijstalen bakken niet meer leverbaar waren.
- De TL balken zijn anders geplaatst aan het plafond.
- De bagagerekken zijn aangepast van ouderwets gaas naar moderne metalen spijlen.
- De banken voorzien van polyester armleuningen werden van Plan W overgenomen;
- Bij de kleur van de bank werd aangepast van donkergroen naar paars.
- Aluminium buitendeuren in plaats van polyester deuren. De polyester deuren hadden helaas de neiging om krom te trekken.

De treinstellen 462 - 471 (Plan V5) werden door Talbot in Aken gebouwd. NS had met deze fabrikant goede ervaringen opgedaan bij de bouw van goederenmaterieel. Van alle Plan V's werd de elektrische installatie geleverd door Smit-Heemaf.

De 472 en 473 werden uitgerust met een chopperinstallatie. De rijweerstanden maakten plaats voor een kast met thyristorapparatuur, terwijl op de plaats van de wals in de centrale kast onder andere de regelelectronica werd ondergebracht. De stellen kenmerkten zich door een soepele aanzet (met een zacht gezoem) doordat het bekende schokken bij het afschakelen van de weerstanden achterwege bleef. De bediening van de twee treinstellen was volkomen identiek aan die van de andere Plan V’s. In 1975 werden de Sprinters 2014 en 2015 eveneens met een thyristorschakeling (ook wel chopper- of pulssturingsinstallatie genoemd) uitgevoerd. Bij de grote revisie van de 472 en 473 in 1991 werd de tractie-installatie omgebouwd naar een klassieke weerstandeninstallatie, omwille van de eenheid in het park.

Plan V7
In het jaar 1972 kwam er een derde type Plan V in de diens. Hierin was een kleine post-/bagageruimte gekomen op de plek waar bij de stellen 441 - 483 van de vorige deelserie in de Bk-bak twee coupés tweede klasse een plaatsje hadden. De letter P in de bakaanduiding deed hiermee zijn intrede bij treinstellen. In de 801 - 840 van Plan V7 was geen conducteurruimte meer aanwezig; op het balkon van de ABk kon de conducteur nu een klein uitklaptafeltje benutten voor schrijfwerkzaamheden.

De laatste nog bestaande Nederlandse fabrikant van spoorwegmaterieel, Werkspoor, bouwde de eerste serie van het nieuwe type. Met de levering van treinstel 840 was er een einde gekomen aan de bouw van reizigersmaterieel in Nederland; Werkspoor ging namelijk de hekken sluiten. Vanaf dat moment werd Talbot (nu Bombardier geheetten) gedurende lange tijd de vaste leverancier van reizigersmaterieel.
 

Plan V8 t/m V13
De 125 stellen omvattende laatste reeks 841 - 965 werd grotendeels gelijk aan de 801 – 840. Talbot besteedde de ruwbouw van de ABk-rijtuigen van de 841 - 870 uit aan Duewag in Uerdingen.
Een opmerkelijke wijziging ten opzichte van de 801 - 840 was de conducteursruimte weer terug kwam nadat deze in de Plan V7 deelserie geschrapt was. Vanaf treinstel 921 werd bovendien een nieuwe type schuifraam toegepast. In plaats van ramen met een driedelig bovenstuk waarvan het middelste een klein schuifraam was, werd voortaan een tweedelig Sprinter-raam gemonteerd. Ook de cabinedeur die een groot raam had werd gewijzigd in eentje met kleinere ruit. De 936 - 965 werden op de loopdraaistellen uitgerust met schijf- in plaats van blokkenremmen. Hiervoor diende treinstel 851 als prototype hiervoor. Dit stel reed ook enige tijd - als enige Plan V - met schijfremmen op de motordraaistellen.

De bouw van Plan V kwam met de levering van de 965 in 1976 ten einde, nadat in 1975 de eerste serie Sprinters de fabriekspoort van Talbot al had verlaten.

Museumstellen

Stichting Mat'64
Om minimaal één treinstel van Mat'64 te bewaren, is er door de stichting Mat '64 besloten om stel 419 van de NS Reizigers over te nemen. Deze is vervolgens in de oude loods van Blerick door leden van de NVBS totaal opgeknapt en in het oude groen weer de baan opgekomen, waarin deze vroeger ook met deze kleurstelling rondreed. Vervolgens heeft het stel een extra stoeltje gekregen in de machinstcabine ten behoeve vvan wegleerritten.

Op 10 januari 2009 sloeg het noodlot toe bij de groene Plan V 419. Bij een ongelukkig uitgevoerde rangeermanoeuvre op het werkplaatsterrein in Leidschendam reed een dubbeldekkerstam zijdelings op het genoemde tweetje, waarbij de neus van de AB(D)k behoorlijk beschadigd raakte. Op de diverse spoorwegfora's werd volop gespeculeerd over hoe nou toch verder moest met het museumstel.
Gezien het stel total-loss is en de schade maar liefst 300.000 euro was is besloten het stel niet meer op te knappen.

Hiermee is een eind gekomen aan de laatste Plan-V uit de Plan V 1 t/m 3 die uiteindelijk net als alle andere V1 t/m V3 deelseries gesloopt is. Als vervanger voor de Stichting Mat'64 is de 904 gekozen. Die heeft zijn standplaats in Zwolle en zal in de toekomst worden opgeknapt.

Het Spoorwegmuseum
Het Spoorwegmuseum in Utrecht heeft de 876 overgenomen van de NS voor het behoud van dit type trein. Op 25 september 2016 heeft de officiële overdracht plaatsgevonden.

Speciale series

Eenmans-bediening op de Lingelijn
De treinstellen 901-915 zijn aangepast voor eenmansbediening op de Merwede-Lingelijn (Dordrecht – Geldermalsen). Op deze stellen zijn, nabij de baknummers, de gele letters Ddr-Gdm (de verkortingen voor beide eindpunten) aangebracht. De exploitatie met eenmanbediening is op deze lijn echter nooit ingevoerd. Deze treinstellen zijn weer in de gewone omloop opgenomen. Inmiddels rijdt Arriva al enkele jaren op deze lijn met electrische GTW-treinstellen.

Turbo V-tjes tussen Zwolle - Emmen
Van de treinstellen 936-965 is vanaf eind 2005 de elektrische installatie aangepast zodat deze sneller optrekken. Hierbij de is de PFZ3 schakeling indienst gekomen die zorgt voor meer vermogen. Daardoor kunnen zij de dienstregeling Zwolle – Emmen rijden. Deze zogenaamde super-V's vervingen in december 2005 de buiten dienst gestelde Railhoppers.

Afvoer Materieel '64

In de jaren negentig kwamen de eerste treinen van het type Stoptreinmaterieel '90 (Railhopper) in dienst, bedoeld om Mat '64 geleidelijk aan af te lossen. Door opeenvolgende problemen met dit treintype en de keuze om meer dubbeldekstreinen aan te schaffen, omdat deze meer capaciteit hebben, zijn er echter nooit vervolgorders van de Railhopper geplaatst. Deze kleine serie treinstellen is in 2005 buiten dienst gesteld en vervolgens gesloopt. Ook het eerste treinstel met het nummer 401 (welke zeer afwijkend was) is gesloopt.

In 2005 heeft de NS een order geplaatst bij Bombardier en Siemens voor 35 nieuwe lichtgewicht Sprinter Light Trains, met een optie voor nog eens vijf bestellingen van telkens 32 treinen, waarvan in 2007 de eerste twee zijn afgeleverd. Inmiddels zijn er al bijna 80 stellen in de reizigersdienst opgenomen en werden de diensten van Mat'64 met grote vaart verdrongen. In bosjes werden zij terzijde gesteld op momenten dat de verlengde termijn van de revisietijd overschreden werd.

In een onderzoeksrapport van de Inspectie Verkeer en Waterstaat uit 2008 bleek overigens ook dat Mat '64 een verhoogde kans had om te ontsporen bij aanrijdingen. Dit vanwege het gebrek aan een baanschuiver. Bij een treinboting in Teuge in 2015 werd dit bewezen, bij een botsing met een auto ontstond toen een flinke ravage en ontspoorde de trein. Ook in 2016 was het van de baan halen van deze trein weer ter sprake. Toen was het de Onderzoeksraad voor Veiligheid (OvV) die dit adviseerde. Met maar liefst nog nog enkele weken te gaan voor de stellen legde de NS zich bij de eis neer.

Medio 2015 maakte de NS bekend dat ze met invang van de nieuwe dienstregeling van 2016 die in december 2015 in zal gaan, alle rijdende Mat'64 stellen uit de dienst zal halen. De reden die hiervoor genoemd is, is de ouderdom en de kosten van het onderhoud wat hierdoor te hoog oploopt. Vanwege het materieeltekort en de winterperiodes is er na de aanvang van de dienstrgeling van 2016 nog gereden met het materieel. Wel als extra diensten waarbij de treinen ingezet werden als vervangend materieel, en dus niet met een vaste omloop in de dienstregeling. Uiteindelijk werd bekend dat de treinen tot 1 april 2016 zouden blijven rijden. Op 30 maart viel het doek voor deze trein nadat Sprinter (9624) van Deurne naar Eindhoven reed.

Afscheidsrit

Op 25 september werd er een afscheidsrit georganiseerd met de combinatie van de stellen 469, 449 en 466 en 876. Deze maakten een afscheidstour door Nederland maken met genodigden en vertrok vanuit Maastricht op weg naar Utrecht Maliebaan via Den Bosch, Arnhem, Deventer, Zwolle en Amersfoort. Hier bleef de 876 achter als iconisch museumtreinstel, en reden de andere drie later op de avond op eigen kracht naar de werkplaats van Amsterdam Zaanstraat totdat de sloop geschiedt.

 

Fotogalerij